Wat het kabinet in september voorstelde
In de Kamerbrief van 29 september 2026 kondigde het kabinet aan het heffingsvrij vermogen in box 3 per 2027 te verlagen naar het niveau van 2020: € 30.846 per persoon. Als aanvullende dekking zou het kabinet daarnaast het forfait voor overige bezittingen, zoals verhuurd vastgoed, in 2027 met 1,5 procentpunt verhogen.
3 november: de verlaging gaat niet door
Na gesprekken met Kamerfracties komt het kabinet hierop terug. In de Kamerbrief van 3 november 2026 schrijven Heinen en Eerenberg dat de eerder voorgestelde verlaging van de grens van het heffingsvrij vermogen en het heffingsvrij rendement, 'alsmede het forfait, zal worden geschrapt'. Voor spaarders en beleggers betekent dit dat deze drie voorgenomen lastenverzwaringen uit de Kamerbrief van 29 september niet doorgaan, zodra de Tweede en Eerste Kamer het aangepaste voorstel overnemen.
Nieuwe dekking: lager tarief in box 2
In de plaats daarvan verlaagt het kabinet het tarief in box 2. De Kamerbrief van 3 november meldt dat 'het lage tarief in box 2 verlaagd' wordt; uit de bijbehorende tabel blijkt dat het tarief van de eerste schijf tijdelijk daalt van 24,5% naar 23,5%, voor de jaren 2027 tot en met 2030.
Ook het tarief van de tweede schijf gaat tijdelijk verder omlaag dan in september aangekondigd. Toen noemde het kabinet een verlaging naar 29,2% per 2027; de nieuwe Kamerbrief noemt in de tabel een verlaging 'van 31% naar 29%', eveneens voor de jaren 2027 tot en met 2030.
Novelle nog niet aangenomen
Deze aanpassingen staan nog niet vast. Ze zijn aangekondigd in de Kamerbrief van 3 november 2026 en moeten nog worden verwerkt in de novelle op de Wet werkelijk rendement box 3 en in het Belastingplan 2027. Beide liggen bij de Tweede Kamer, die hierover nog moet stemmen; daarna moet ook de Eerste Kamer akkoord gaan voordat de wijzigingen voor 2027 kunnen ingaan.
Wat betekent dit voor uw aangifte nu
Voor de aangifte over 2025 en 2026 verandert er niets: de huidige regels in box 3 blijven gelden. Voor 2027 ligt na 3 november 2026 een ander voorstel op tafel dan in september: geen verlaging van het heffingsvrij vermogen, maar wel een tijdelijk lager tarief in box 2. Beide onderdelen zijn pas definitief zodra de Tweede en Eerste Kamer de novelle en het Belastingplan 2027 hebben aangenomen.
Veelgestelde vragen
Gaat het heffingsvrij vermogen in box 3 per 2027 nu zeker niet omlaag?
Dat is nog niet honderd procent zeker. Het kabinet heeft de eerder voorgestelde verlaging in de Kamerbrief van 3 november 2026 geschrapt, maar dit voorstel moet nog door de Tweede Kamer en de Eerste Kamer worden aangenomen voordat het definitief is voor 2027.
Waarom verlaagt het kabinet nu het tarief in box 2 in plaats van het heffingsvrij vermogen in box 3?
Het kabinet noemt dit een aangepaste dekking: in plaats van spaarders en beleggers via een lager vrijgesteld bedrag te laten meebetalen, verlaagt het nu tijdelijk beide tarieven in box 2, van 24,5% naar 23,5% en van 31% naar 29%, voor de jaren 2027 tot en met 2030.
Bronnen en verantwoording
- Ministerie van Financiën: Kamerbrief Aanpassingen Belastingplan en box 3 (3 november 2026)
- Eerste Kamer: Kamerbrief Voorstellen op box 3, koopkracht werkenden en sociale zekerheid (29 september 2026)
Dit artikel is automatisch opgesteld met broncontroles. Die controles sluiten interpretatiefouten niet uit. Algemene uitleg; geen beoordeling van uw persoonlijke situatie. Vermeld een mogelijke fout via het contactformulier. Redactie en correcties.