Inkomen & loon · 13 september 2026

Algemene heffingskorting en arbeidskorting 2026: bedragen en afbouw

Op de loonstrook of in Mijn Belastingdienst valt op dat de heffingskorting daalt naarmate het inkomen stijgt, en dat er twee verschillende kortingen naast elkaar bestaan: de algemene heffingskorting en de arbeidskorting. Deze uitleg is voor werkenden en AOW-gerechtigden die willen weten hoe beide kortingen in 2026 werken, wat de bedragen zijn en vanaf welk inkomen ze afbouwen. Het gaat om geldende regels voor het lopende belastingjaar 2026, niet om een nieuwe aankondiging.

Belastingjaar 2026 · Geldende regels · Bronnen geraadpleegd: 13 september 2026.

Twee kortingen met een ander doel

Iedereen die inkomstenbelasting betaalt, kan de algemene heffingskorting krijgen. Deze korting is geen aftrek van het inkomen, maar een bedrag dat rechtstreeks van de verschuldigde inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen afgaat. Over het algemeen geldt: hoe meer u verdient, hoe lager de korting wordt.

Wie werkt, krijgt daarnaast de arbeidskorting. Deze korting wordt berekend over het arbeidsinkomen en komt boven op de algemene heffingskorting. De hoogte hangt, net als bij de algemene heffingskorting, af van de leeftijd, maar dan gekoppeld aan het arbeidsinkomen in plaats van het verzamelinkomen.

Algemene heffingskorting 2026: bedrag en afbouw

Voor wie in 2026 de AOW-leeftijd nog niet bereikt, is de algemene heffingskorting maximaal € 3.115 per jaar. Dat maximum geldt tot een verzamelinkomen van € 29.737. Verdient u meer, dan daalt de korting met 6,398% per euro extra inkomen, tot de korting vanaf een verzamelinkomen van € 78.427 nul is.

Voor wie in 2026 het hele jaar de AOW-leeftijd heeft, ligt het maximum lager: € 1.556. De afbouw begint bij hetzelfde verzamelinkomen van € 29.737, maar gaat met 3,195% per euro. Ook voor deze groep is de korting vanaf € 78.427 nul.

Arbeidskorting 2026: eerst op, dan weer af

De arbeidskorting bouwt op met het arbeidsinkomen. Tot een arbeidsinkomen van € 45.592 stijgt de korting mee, tot het maximum van € 5.685 is bereikt. Dat maximum geldt voor wie in 2026 de AOW-leeftijd nog niet heeft.

Boven € 45.592 daalt de arbeidskorting met 6,510% per euro extra arbeidsinkomen. Vanaf een arbeidsinkomen van € 132.921 is de arbeidskorting nul.

Bent u in 2026 het hele kalenderjaar AOW-gerechtigd? Dan is € 2.840 het maximum, en bedraagt de afbouw boven € 45.592 slechts 3,250% per euro extra arbeidsinkomen.

Wat dit betekent voor uw loonstrook

Beide kortingen bouwen in ongeveer hetzelfde inkomenstraject af: de algemene heffingskorting tussen circa € 29.737 en € 78.427 verzamelinkomen, de arbeidskorting tussen € 45.592 en € 132.921 arbeidsinkomen. In dat overlappende traject kunnen beide kortingen tegelijk lager uitvallen naarmate het inkomen stijgt, ook al gaat het om twee los berekende bedragen.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen de algemene heffingskorting en de arbeidskorting?

De algemene heffingskorting geldt voor iedereen die inkomstenbelasting betaalt en hangt af van uw leeftijd en uw verzamelinkomen. De arbeidskorting geldt alleen voor wie arbeidsinkomen heeft, hangt af van uw leeftijd en uw arbeidsinkomen, en komt boven op de algemene heffingskorting.

Verandert dit door Prinsjesdag 2026?

De bedragen in dit artikel gelden voor het lopende belastingjaar 2026. Het kabinet presenteert op Prinsjesdag, dinsdag 15 september 2026, het Belastingplan met voorstellen voor volgende jaren. Zulke voorstellen zijn pas geldend recht na behandeling en goedkeuring door de Tweede en Eerste Kamer.

Bronnen en verantwoording

Dit artikel is automatisch opgesteld met broncontroles. Die controles sluiten interpretatiefouten niet uit. Algemene uitleg; geen beoordeling van uw persoonlijke situatie. Vermeld een mogelijke fout via het contactformulier. Redactie en correcties.

Privacy · Contact · Methodiek · Blog Redactie en bronnen

© 2026 SlimBelast · Slimmer omgaan met uw belasting