De mythe: "een bonus wordt zwaarder belast"
Het gevoel is begrijpelijk. Op je gewone maandsalaris houd je netto misschien 70% over, maar op je bonus lijkt ineens 50% of zelfs meer te worden ingehouden. De conclusie is snel getrokken: blijkbaar geldt voor bonussen een hoger tarief.
Dat is een misverstand. In Nederland bestaat geen apart bonustarief. Over het hele jaar wordt al je inkomen — salaris, bonus, vakantiegeld, 13e maand — bij elkaar opgeteld en belast tegen dezelfde progressieve schijven van box 1.
Wat je écht ziet: het bijzonder tarief
Een bonus, vakantiegeld, 13e maand of gratificatie heet fiscaal een bijzondere beloning. Je werkgever houdt daar loonheffing op in volgens een apart percentage: het bijzonder tarief. Dat tarief hangt af van je geschatte jaarloon en bestaat uit twee delen:
- Je schijftarief — het tarief van de schijf waarin je "top-euro's" vallen (35,75%, 37,56% of 49,5% in 2026).
- Een verrekeningspercentage — een opslag voor de afbouw van je heffingskortingen. Bij een hoger inkomen bouwen de algemene heffingskorting en de arbeidskorting namelijk af, en die korting ben je over die extra euro's kwijt.
Het bijzonder tarief is dus precies je marginale tarief: wat een extra euro bovenop je inkomen je werkelijk kost. En dat is hoger dan het gemiddelde tarief dat je op je maandsalaris ziet — niet omdat het een bonus is, maar omdat het je laatste euro's zijn.
Waarom het soms wel 56% lijkt
In bepaalde inkomensgebieden tikt het hard aan. Stel dat je net in de tweede of derde schijf zit en tegelijk in de afbouwzone van beide heffingskortingen. Dan kost één extra euro je:
+ afbouw algemene heffingskorting (6,398%)
+ afbouw arbeidskorting (6,510%)
= tot ± 50% à 62% marginaal
Vandaar dat het bijzonder tarief op je strook zomaar 49,5%, 53% of zelfs ~56% kan zijn. Dat ziet er schrikbarend uit, maar het is gewoon de échte prijs van een extra euro in dat inkomensbereik — of die euro nu uit een bonus of uit een salarisverhoging komt.
Een rekenvoorbeeld
+ verlies algemene heffingskorting: 6,398%
+ verlies arbeidskorting: 6,510%
= effectief ± 50,5% over die € 2.000
Inhouding via bijzonder tarief: ± € 1.010 → netto ± € 990
Een salarisverhoging van € 2.000 zou exact hetzelfde kosten. Het is dus geen "bonusbelasting" — het is je marginale tarief.
Het is een voorheffing, geen extra belasting
En dit is de kern: het bijzonder tarief is alleen een inhouding vooraf (voorheffing). Het is een schatting. De definitieve belasting wordt pas berekend bij je belastingaangifte, over je totale jaarinkomen.
- Is er via het bijzonder tarief te veel ingehouden? Dan krijg je het verschil terug.
- Is er te weinig ingehouden? Dan betaal je bij.
Omdat het bijzonder tarief vaak iets aan de hoge kant wordt geschat, krijgen veel mensen via de aangifte juist een deel van hun "bonusbelasting" terug. Er verdwijnt dus niets extra naar de Belastingdienst — het wordt netjes rechtgetrokken.
Vakantiegeld en 13e maand: precies hetzelfde
Voor vakantiegeld (meestal 8% van je brutoloon, uitbetaald in mei) en een 13e maand geldt exact hetzelfde verhaal. Het zijn bijzondere beloningen, dus ze worden tegen het bijzonder tarief ingehouden — wat hoog oogt — maar ze tellen gewoon mee in je jaarinkomen en worden tegen je normale progressieve tarieven belast. Geen apart, hoger tarief.
Wil je weten wat je van je brutoloon — inclusief of exclusief vakantiegeld — netto overhoudt? Reken het door met de bruto-netto calculator.
Reken je eigen bruto-netto uit
Vul je bruto loon in en zie wat je netto overhoudt — met de tarieven en heffingskortingen van 2026.
Naar de bruto-netto calculatorVeelgestelde vragen
Cijfers 2026: box 1 35,75% / 37,56% / 49,50%; afbouw algemene heffingskorting 6,398%, afbouw arbeidskorting 6,510%. Het bijzonder tarief is de som van het schijftarief en het verrekeningspercentage voor de afbouw van de heffingskortingen. Genoemde percentages zijn indicatief; geen fiscaal advies. Laatst gecheckt: 22 juni 2026.